In de geest van de commandant
Het klinkt misschien teleurstellend uit de mond van de jonge ambtenaar van het jaar, maar ik heb niet zoveel met het Nieuwe Werken. Dat komt vooral doordat de discussie hierover vaak wordt verplat tot flexibeler omgaan met werktijden en werkomgeving en de inzet van nieuwe technologie. Alsof iemand erop zit te wachten dat ik mijn werkdag indeel van vier uur ’s nachts tot de lunch en die ook nog eens verwijderd van mijn collega’s op een flexplek bij een ander ministerie doorbreng.
In het artikel
'Jonge ambtenaar niet klaar voor het Nieuwe Werken' wordt het concept van het Nieuwe Werken voor de verandering eens wat verdiept door de relatie tussen leidinggevende en medewerker te introduceren. Uit onderzoek van Motivaction blijkt dat jonge medewerkers behoefte hebben aan sturing en worstelen met het nemen van eigen verantwoordelijkheid. Wat natuurlijk helemaal niet past binnen het zo geroemde Nieuwe Werken. Maar is dat wel zo?
Mijn vorige leidinggevende had het altijd over ‘handelen in de geest van de commandant’. Ik vond dat wel een prettig uitgangspunt. De commandant geeft aan wat er zo ongeveer moet gebeuren en geeft jou de vrijheid om daar vervolgens invulling aan te geven. Juist binnen dat soort kaders kan de eigen verantwoordelijkheid van jonge mensen zich ontwikkelen. Leer je dat eigen verantwoordelijkheid meer is dan je eigen naad naaien. Dat het ook betekent dat je rekening houdt met anderen. En dat je aan de bel trekt als je ergens niet uitkomt. Sturing, autoriteit en eigen verantwoordelijkheid kunnen dus heel goed samengaan.
Het Nieuwe Werken ontslaat jonge ambtenaren niet van het recht houvast te vragen of terug te vallen op bestaande structuren. Ook ontslaat het leidinggevenden niet van de plicht sturing te geven aan de inhoud van het werk en de mensen die dat werk uitvoeren. Mocht het toch die kant op dreigen te gaan, laat mij dan maar lekker op de oude manier doormoddderen.
Pieter van Hofwegen is Jonge Ambtenaar van het Jaar 2011 en Adviseur Interactieve Media en Online bij het ministerie van Algemene Zaken.